Mannetjesvaren

Mannetjesvaren

Moet u bij het horen of zien van het woord ‘varen’ ook altijd aan ‘veren’ denken? Ik wel.
Zonde eigenlijk, want er is best wel veel onderscheid in de soorten. Ik zou er (ooit) eens meer tijd moeten voor nemen om mij erin te verdiepen.
Misschien is de website van de Nederlandse Varenvereniging een eerste stap. Op die website vind je heel wat interessante informatie. Een aanrader!
https://www.varenvereniging.nl

“Varens zijn heel oude planten. Ze komen al voor in meer dan vierhonderd miljoen jaar oude fossielen. Varens dragen geen bloemen. Ze planten zich dan ook niet voort met zaden.

Varens zijn sporenplanten, de nazaten van de eerste (sporen) planten die in de zeer vroege historie van het leven op aarde vanuit het water het land opkwamen.

Het kenmerk van sporenplanten is dat ze geen zaden maar sporen vormen. Uit de sporen groeit eerst een voorkiem, de gametofyt, waarop zich een mannelijk en vrouwelijk voortplantingsorgaan bevindt. Onder gunstige omstandigheden kunnen zaadcellen van het mannelijke naar het vrouwelijk orgaan zwemmen om daar een eicel te bevruchten. Uit de bevruchte eicel ontwikkelt zich een nieuwe volwassen plant, de sporofyt.

Varens staan vooral bekend om het feit dat het nieuwe blad zich uitrolt en dat de bladeren vaak in een krans staan en daarmee een soort beker vormen. Ook de sporenhoopjes, de sori, aan de achterzijde worden herkend als een belangrijk kenmerk van varens.

Varens zijn heel oud en hebben zich dan ook over de gehele wereld verspreid, van de poolcirkel tot aan de tropische oerwouden en alles wat daar tussen zit. Dus van de uiterste kou tot de grootste hitte en van de hoogste vochtigheid tot de zwaarste droogte. Van in het water tot op het water, van op de grond tot in de bomen.

Een enorme diversiteit aan vormen heeft zich daarbij ontwikkeld in vele geslachten en nog veel meer soorten. Inmiddels zijn naar schatting zo’n 40.000 soorten ontdekt en nog steeds worden nieuwe gevonden.

Varens zijn sterke overlevers. Dat kan ook niet anders, als je het al meer dan vierhonderd miljoen jaar op de aarde volhoudt.” (*)

(*) De cursieve tekst is gedeeltelijk overgenomen van de website van de Nederlandse Varenvereniging.

 

De mannetjesvaren (Dryopteris filix-mas) is een varen uit de niervarenfamilie (Dryopteridaceae). De plant komt voor in lichte, vochtige loofbossen. Verder komt de soort voor langs slootkanten en greppels. De bladen zijn maximaal 1,5 m lang. De bladsteel is bedekt met bleekbruine schubben. Het blad kan bestaan uit vijfendertig deelblaadjes, al is een aantal tussen de twintig en dertig gangbaarder. Elk deelblaadje bestaat weer uit slipjes. De topjes zijn afgerond, gezaagd of gekarteld, maar een stekelpunt is er nooit.

Er is ook kans op verwarring met eveneens algemeen voorkomende wijfjesvaren (Athyrium filix-femina).  Ze hebben ongeveer hetzelfde habitat en overeenkomstige kenmerken. Hij is te onderscheiden van vergelijkbare varens door naar de sporen te kijken. Bij de mannetjesvaren zijn deze rond en liggen ze langs de bladnerf. Die van de wijfjesvaren zijn eerder haak- of kommavormig.

De wortels, de rhizomen, en de onderste delen van de bladstelen werden vroeger wel gebruikt in de volksgeneeskunst als worm afdrijvend middel, vandaar de Duitse naam voor Mannetjesvaren namelijk Wurmfarn. Maar het gebruik ervan ging vaak gepaard met vergiftigingen, omdat de dosering erg van belang is.  Deze delen van de plant zijn dus giftig!

 In de volksgeneeskunde werd het gebruikt om allerlei ongedierte uit huis te verdrijven. Met de rook van de mannetjesvaren zouden slangen uit huis verjaagd kunnen worden en bladeren onder het bedstro en tussen de kleren gedaan zou wandluizen en motten verdrijven. Varkens zouden vet worden van het eten van de wortels en wonden werden met een afkooksel van de bladeren behandeld. (*)

Rembertus Dodonaeus schreef in 1554 in zijn Cruyde boeck: “” Die wortel van Varen manneken ontrent een loot* swaer met Meede* ghedroncken doodet ende iaecht af die breede wormen. Die selve in wijn ghesoden, es seer bequaem den ghenen die een verherde gheswollen oft verstopte milte hebben.”

Bronnen en meer informatie:

(*) Brontekst: https://www.kloosterterapel.nl/nl/kruidentuinactueel-22102016

https://www.varenvereniging.nl

https://www.floravannederland.nl/planten/mannetjesvaren