Winterakoniet … een zeldzame, vroege bloeier

Winterakoniet … een zeldzame, vroege bloeier

In diverse steden wordt door de stedelijke groendienst een inspanning gedaan om zeldzame of haast verdwenen plantensoorten opnieuw te introduceren. Zo ook in Brugge! Langs de vestingwallen zijn begin februari her en der onder de bomen de felgele bloempjes van de winterakoniet  (Eranthis hyemalis) te vinden.

Wie de winterakoniet niet kent neemt het bloempje vaak voor een – wel heel er vroeg bloeiende – boterbloem. En dat is niet verwonderlijk want de winterakoniet behoort tot dezelfde plantenfamilie, namelijk de Rranonkelfamilie (Ranunculaceae).

Voorbode van de prille lente in volle winter

Zodra de sneeuw en vorst uit de grond is in het vroege voorjaar zullen de groene bladerkransjes en felgele bloempjes zich tonen. Op een zonnige, zachte winterdag zullen de eerste bijtjes en de eerste hommels het gele hartje van deze bloem proberen te veroveren op zoek naar verse pollen. Eind januari of begin februari beginnen de delicate gele bloemen van de winterakoniet te bloeien. Vaak staan ze in de buurt van die andere vroege vogel: het sneeuwklokje. Daarmee kondigen ze het einde van de winter en het prille begin van de lente aan. “Eén zwaluw maakt de lente niet!” luidt het spreekwoord, en dat geldt evengoed voor de winterakoniet. Het gebeurt tegenwoordig niet elk jaar meer, maar soms piepen de gele bloempjes onder een laagje sneeuw door. Een echte winterbloeier dus.  Het bloeit, maakt zaad, en is weer verdwenen voordat de bladeren van de meeste struiken en bomen uitkomen.

Winterakoniet

 

Het bloempje van de winterakoniet

Stinzenplant

Het is een zogenaamde stinzenplant. Stinzenplanten – ook wel eens als stinsenplanten met een “s” geschreven – is een verzamelnaam voor een bijzondere groep verwilderende voorjaarsbloemen. Het zijn vooral bol-, knol- en wortelgewassen die vanaf circa de 16e eeuw werden aangeplant op buitenplaatsen, rondom kastelen en landhuizen.

Kenmerkend voor stinzenplanten is dat ze op oude buitenplaatsen zijn verwilderd en ingeburgerd. Er zijn plekken waar het voormalig landhuis niet meer staat, maar waar de stinzenplanten ieder jaar nog steeds uitbundig bloeien. Het is een prima plantje voor onder bladverliezende struiken. 

Wonderbaarlijk

Op donkere regenachtige dagen blijven de tere bloempjes gesloten. Maar zodra de prille winterzon tussen de nog bladloze takken door schijnt, wordt door de kroonbladen nectar afgescheiden. En dan gebeurt iets wonderbaarlijks. De buitenste krans van meeldraden opent zich het eerst.  Nadat de helmdraden zich gestrekt hebben liggen ze met hun knopjes precies boven de opening van de nectarbakjes. Insecten kunnen niet anders dan langs de hokjes strijken en daaruit wat meenemen. De volgende dag draaien de meeldraden van die buitenste krans zich naar buiten. Nu komen de meeldraden van de tweede krans, die iets meer naar binnen gelegen zijn, op de plaats van de eerste.  De volgende dag de derde krans enz… Omdat de insecten komen aanvliegen op het midden van de bloem is kruisbestuiving op die manier vrijwel verzekerd. 
In de gedurende de nacht gesloten bloemen kan trouwens ook zelfbestuiving plaatsvinden.

 

HMMuller, CC BY-SA 4.0 , via Wikimedia Commons

Bronnen en meer informatie

Bronnen en meer informatie

https://www.ecopedia.be/planten/winterakoniet

https://www.floravannederland.nl/planten/winterakoniet

https://nl.wikipedia.org/wiki/Winterakoniet

https://waarnemingen.be/species/6749/

https://www.compo.be/nl/advies/planten/tuinplanten/winterakoniet

https://waarnemingen.be/species/6749/



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *