De onschuld zelve… madeliefje

De onschuld zelve… madeliefje

“The rose has but a summer reign;
The daisy never dies.”

(James Montgomery (1771-1854)

Symbool van zuiverheid en onschuld

Indien ik zou vragen: “Wie kent het madeliefje niet?”, dan zou ik wellicht weinig of geen vingers de hoogte zien ingaan. Sommigen zullen zelfs beweren – en wellicht hebben ze ook gelijk – dat ze al het ‘straatmadeliefje’ gezien hebben. Maar de beschrijving van deze soort valt buiten het bestek van dit artikel.

En als ik vervolgens vraag: “Welke kleur is het symbool van zuiverheid, reinheid en onschuld?” dan antwoordt iedereen in koor…? WIT!

Daarmee zit madeliefje (Bellis perennis) op de eerste rij. Het wordt tevens als zinnebeeld van de deugd beschouwd en als symbool voor lieflijke jeugd.

Volgens een oude legende hebben de vier kleuren van de bloem de volgende betekenis: het groen van de kelkblaadjes betekent hoop; het wit van de kroonblaadjes betekent geloof; de rode kleur (ook kroonblaadjes) betekent liefde; en het goudgele van het hartje betekent wijsheid. 

Madeliefje

 

Eeuwige schoonheid

Symbool van eenvoud en nederigheid

Al heel vroeg in het voorjaar zijn de eerste witte bloempjes te zien in het gazon. Het is een overblijvende plant die je – behalve als het stevig gaat vriezen – het hele jaar door in bloei kunt vinden. Zelfs een laagje sneeuw vormt geen bezwaar. 

’s Avonds of als het regent sluit de bloem zich en buigt ze zich naar beneden. Ze gaat ‘slapen’. Overdag keert ze haar geopende bloemhoofdjes weer naar de zon. Madeliefje is in alles nederig en eenvoudig.

Wie heeft niet als kind madeliefjes geplukt om er kransje of hoofdbandje van te maken? Liggend in het gras keek ik vroeger altijd geboeid naar het mini-universum dat zich voor mijn neus ontvouwde: madeliefjes, kevertjes, slakjes, soms een regenworm. Alles leek er in die heerlijke chaos zijn plaats te hebben.

Eeuwige schoonheid

Voor de Nederlandse naam ‘madeliefje’ bestaan verschillende verklaringen. De naam zou kunnen verwijzen naar het  oud-Nederlandse ‘made’ (weide, grasland).  Je herkent dat ook nog in het Engels ‘meadow’. Madeliefjes zijn altijd mooi. En daarnaar verwijst ook de wetenschappelijke naam. ‘Bellis’ stamt van de Latijnse ‘bellus’ (mooi), en ‘perennis’ betekent letterlijk ‘doorheen de jaren’ of ‘eeuwig’. Eeuwige schoonheid dus. Welke vrouw zou dit niet graag horen? Vandaar misschien dat het bloempje toegewijd is aan de maagd Maria. Ik lees soms dat  ‘madeliefje’ een verbastering zou zijn van ‘maagdeliefje’, waarin ‘maagd’ verwijst naar Onze-Lieve-Vrouw.

Composietenfamilie

Het madeliefje behoort – net als de zonnebloem en de paardenbloem – tot de composietenfamilie (Asteraceae). De bloeiwijzen van deze familie bestaan niet uit één enkele bloem, maar uit een groot aantal buisbloempjes en/of lintbloempjes. Madeliefje heeft beide soorten bloemen: een hart van gele – tweeslachtige – buisbloempjes wordt omringd door een krans van witte – vrouwelijke– lintbloempjes. Die laatste hebben eigenlijk alleen tot doel de bloem in zijn geheel beter te doen opvallen voor de insecten. De witte lintbloemetjes zijn soms aan de uiteinden, en vooral aan de onderzijde, rood of roze gekleurd. Het volksgeloof zegt dat dit het geval is als het mooi weer wordt. 

Madeliefje

Onuitroeibaar

Het gedijt het best in een gazon dat vaak betreden en afgereden wordt. Dat komt omdat de kortgesteelde, spatelvormige bladeren in een rozet staan dat zo dicht tegen de grond ligt dat afmaaien haast onmogelijk is. Het heeft bovendien een ondergrondse wortelstok met stevige wortels en lange uitlopers. Wordt het dus toch gemaaid dan schiet het in de kortste keren iets verder weer uit. 
Onuitroeibaar! Waarom zouden we ook?

Orakel

Zowel bij ons als in Frankrijk en Engeland werd (wordt?) de bloem gebruikt als orakel voor de liefde. Neem een bloemhoofdje en zeg: “Houdt hij (zij) van mij? Een beetje, veel, erg veel, heel erg veel of … helemaal niet”, waarbij men de bloemblaadjes één voor één aftrekt, totdat men bij het laatste blaadje het verdict kent. Ik kwam altijd uit op “heel erg vee!”. En u?

In Italië ging men nog een stapje verder en voorspelde men de toekomst aan de hand van het nederige bloempje. 

Beschermplant

Moet je een verre reis maken of een belangrijke zaak afhandelen, steek dan madeliefjes die op Sint-Jan (24 juni) tussen 12 en 13 uur geplukt werden op zak.

Magische geneeskunde

Madeliefjes werden vroeger ook gebruikt in de sympatische geneeskunde. Heb je reuma? Leg dan madeliefjes onder je hoofdkussen. En heb je last van tranende ogen? Hang een krans van madeliefjes om je hals, maar wel zo dat de bloemen op de rug hangen. Ook het aantal bloempjes speelt een rol: vijfentwintig voor volwassenen en vijftien of zeventien voor kinderen. 

Een oud middel tegen de pest was het bewaren van madeliefjes die op Sint-Jan waren verzameld.  

In Vlaanderen kende men tal van andere madeliefjesremedies, onder andere: men dronk dagelijks een kopje thee van bloempjes die op hun kroonblaadjes een streepje hadden, dit voor de verdunning van het bloed. Of men maakte thee van bloempjes die een rood randje hadden op de kelkblaadjes. 

Madeliefje in legenden, sagen en sprookjes

Volgens een legende is het madeliefje ontstaan uit de tranen van Maria tijdens de vlucht naar Egypte.  Volgens een Slavische legende dan weer zou het zijn ontstaan uit de tranen ven de H. Magdalena toen ze bij het graf van Jezus stond.  Een Franse legende vertelt dat de rode kleur op sommige lintbloempjes van het bloed van het kind Jezus komt, toen die zich gekwetst had aan een doorn. En in een andere versie… van een kus die hij op de bloem gaf.

In de traditionele kruidengeneeskunde wordt madeliefje gebruikt tegen huidziekten en leveraandoeningen. In de homeopathie wordt het toegepast bij verstuikingen, kneuzingen en eczeem. Het jonge blad kan in salades worden verwerkt.
Maar over de medicinale en culinaire toepassingen van madeliefje zullen we het later in een afzonderlijk artikel hebben.

Bronnen en meer informatie

Compendium van rituele planten in Europa; Marcel De Cleene & Marie Claire Lejeune

Mens & Cultuur Uitgevers N.V. – Gent; ISBN 90-72931-80-7

Onbekende kanten van bekende planten; Hans van den Bosch en Dick Scheps; 1983; Uitgeverij Bigot & Van Rossum BV Braarn; ISBN 90 6134 227 9 (wellicht enkel nog in antiquariaat te verkrijgen.)

 http://annetanne.be/kruidenklets/uit-de-kruidenmand/kruiden-k-z/bellis-perennis-madeliefje/

https://www.floravannederland.nl/planten/madeliefje

https://nl.wikipedia.org/wiki/Madeliefje

https://www.ecopedia.be/planten/madeliefje

https://wilde-planten.nl/madeliefje.htm