De legende van de gaatjes in het Sint-Janskruid

24 juni vandaag! Een uitstekende gelegenheid om – in het kader van onze reeks plantenverhalen – de legende van het Sint-Janskruid te vertellen.

Lang geleden, toen de aarde nog dichter bij de hemel leek te leven en kruiden nog met engelen fluisterden, stond Maria Magdalena onder het kruis van de stervende Jezus. De lucht was zwaar, de stilte diep, en elke druppel bloed die uit de wonden viel, leek een geheim van het goddelijke zelf te dragen.
Ze knielde in het stof en fluisterde met gebroken stem:
“Zelfs de aarde zal dit niet verloren laten gaan. Zelfs de kleinste bloem zal het heilige bewaren.”
En zo gebeurde het wonder.
Waar het bloed de grond raakte, ontsproten tere plantjes — zwijgend, licht trillend, alsof ze het verdriet en het licht van dat uur in zich droegen. Maria Magdalena, vervuld van eerbied, groef de jonge kruiden voorzichtig op en bracht ze naar haar tuin, waar ze ze met zorg en gebed omringde.
Daar groeiden ze uit tot een bijzonder kruid: wanneer men de knoppen kneep, vloeide er een donkerrood sap uit, alsof het leven zelf nog in de plant verborgen lag. Het volk sprak met ontzag over deze “druppels van herinnering”, warm van werking en troostend voor wie leed.
Maar waar licht groeit, werpt ook de schaduw haar blik.
De duivel, die de stilte van dit wonder niet verdragen kon, zag hoe de mensen zich tot het kruid keerden. Hoe eenvoudigen troost vonden in zijn bloei. Hoe de tuin van Maria Magdalena een plaats van hoop werd.
Uit woede stormde hij op een dag haar tuin binnen, gewapend met een bos scherpe distels. Hij sloeg de jonge planten neer, vertrappelde hun stengels en riep in razernij:
“Geen wortel zal hier blijven! Geen kruid zal ik sparen!”
De aarde beefde, en het leek alsof alles verloren was.
Maar in de hemel zag Johannes dit onrecht. Hij boog zich over de rand van het licht en stuurde een engel naar beneden, sneller dan de wind tussen de sterren.
De engel daalde neer in een glans van stilte, nam de distels uit de handen van het kwaad en keerde ze tegen hemzelf. Met een stem die klonk als ochtendlicht sprak hij:
“Tot hier en niet verder. Deze plant draagt herinnering, troost en genezing. Wie haar wil vernietigen, zal slechts het licht versterken.”
De duivel week terug, en in zijn vlucht bleef er iets achter: kleine wondjes in de bladeren, alsof zijn woede er sporen had nagelaten.
Maar het wonder voltrok zich opnieuw. In plaats van te vergaan, werden die wondjes kleine lichtvensters. Wanneer de zon erop viel, leken het duizenden minieme sterren, gevangen in het groen van de plant.
Zo kreeg het kruid zijn onzichtbare tekens, als herinnering aan strijd en bescherming.
En daarom, zo zegt men, heet het sindsdien Sint-Janskruid — het kruid dat herinnert aan licht dat niet te breken is.
En wie vandaag een blaadje tussen de vingers houdt en het tegen het zonlicht tilt, ziet nog altijd die kleine openingen. Alsof de hemel zelf door het blad fluistert dat zelfs wonden kunnen veranderen in licht.

Over het Sint-Janskruid
Deze echte zomerbloem bloeit rond 24 juni, de datum waarop de Germanen hun ‘midzomer-zonnewendefeest’ met grote vuren vierden. Sinds de intrede van het christendom wordt de geboortedag van de heilige Johannnes de Doper herdacht, waarbij op sommige plaatsen lentevuren branden en waar dit kruidje naar is vernoemd.
Sint-janskruid heet in het Latijn: hypericum perforlatum. Hypericum betekent zoiets als, het kruid onder de heide, wat aangeeft dat het te vinden is op zonnige, warme, arme, droge gronden. Het kan grote temperatuursverschillen goed verdragen. Het is een pioniersplantje, veel te zien in de duinen en op kapvlakten. De plant bloeit met veel losse, gele bloemen van juni tot in oktober. Een bloem bloeit maar 1 dag.
Perforlatum betekent: “doorboord” en wijst op de gaatjes die zichtbaar zijn als een blaadje tegen een lichte achtergrond houdt.
In het Frans wordt de plant ‘millepertuis perforé’ genoemd, wat duizend gaatjes betekent. Sint-Jansolie is een warmtegevende olie.
![]()
Over het Sint-Janskruid schreven we reeds eerder op deze website:

Link naar de 16 meest recente artikelen
- De paardenkastanje — boom van kracht en genezing
- Sint-Janskruid versus jakobskruiskruid
- De legende van de gaatjes in het Sint-Janskruid
- Het groot heksenkruid en de legende van Circe
- Hoe de netel zijn brandharen kreeg…
- Natuurfilm “Wilde planten in Brugge”
- De legende van de beuk die de gedachten bewaart
- De legende van het groot heksenkruid
- De legende van de knotwilg aan het Minnewater te Brugge
- Brugge, oltied schoane
- Het verhaal van het straatmadeliefje en het 504-stappen-experiment
- Zoek de 7 verschillen
- De legende van wolfspoot aan het Minnewater
- Plantenwandeling in en om het begijnhof te Brugge
- Wolfspoot (Lycopus europaeus)
- Kamilleknopje – Cotula australis
Ontdek meer van Stadsplanten
Abonneer u om de nieuwste berichten in uw inbox te ontvangen.
1 gedachte over “De legende van de gaatjes in het Sint-Janskruid”
Geef een reactie Reactie annuleren
Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactie gegevens worden verwerkt.

















Wat een mooi verhaal.