Onlangs nam ik een groep enthousiaste Bruggelingen mee naar de oevers van het Minnewater. Ik wou er de legende van de wolfspoot aan het Minnewater vertellen – ik zal dat hier morgen ook eens doen. En eerlijk mensen… ik was beschaamd. Al dat onkruid!!!
Ik zag: geel nagelkruid, muursla, grote engelwortel, rode kornoelje, harig wilgenroosje, speerdistel, echte valeriaan, watermunt, moerasvergeet-mij-nietje, zwart tandzaad, grote waterzuring, kluwenzuring, moerasspirea, kattenstaart, smalle weegbree, bijenorchis (!), moerasandoorn, akkerdistel, gewone brunel, klein robertskruid, klein streepzaad, gewoon biggenkruid, grote weegbree, jakobskruiskruid, kluwenzuring, gewone raket, basterdwederik, hopklaver, kruipende boterbloem, grote ratelaar, voederwikke, ijle zegge, kleine klaver, margriet en … stel je voor… brandnetels. Wat een zootje!
Gelukkig had een stadsambtenaar – of was het de bevoegde schepen himself – op zijn bureau nog een exemplaar van de Brugse beleidsvisie liggen en, terwijl hij even koffiepauze nam, las hij op pagina 21: “”… Met deze maatregelen streven we naar een Brugge waar het openbaar domein een plek is van rust, groen en gemak, met ruimte voor duurzame ontwikkeling en respect voor de natuur.”
Brugge is tenminste een stad met een duidelijke visie: “Da moe ollemolle weg! Wa moet’n de toerist’n nie peiz’n! Brugge moe oltied schoane zien!”
En wie laat er nu in godsnaam een zeldzame, beschermde wilde orchidee zomaar staan? Iedereen zal hem willen plukken!
Dus werd de daad bij het woord gevoerd en de opdracht gegeven om al wat hoger dan 5 cm groeit met de bosmaaier te verwijderen. Opgeruimd staat netjes! Gelukkig is “Maai mei niet” achter de rug zeg! Er is echter één smetje op het mooie werk: de wolfspoot heeft men laten staan. Men dacht waarschijnlijk dat de wolf zou bijten.
De wolfspoot aan het Minnewater te Brugge
Morgen gaan we de legende van de wolfspoot eens uit de doeken doen – voor hij ook weg is!!!