Op 15 augustus, het feest van Onze-Lieve-Vrouw-Tenhemelopneming, vindt in de Onze-Lieve-Vrouwekerk van Damme jaarlijks de ‘Cruydenwijdinghe’ plaats. Als iemand die zich al jarenlang verdiept in wilde planten en de verhalen, gebruiken en tradities die ermee samenhangen, spreekt deze bijzondere viering mij bijzonder aan. Hier komen immers twee werelden samen …
Plantennamen zijn vaak meer dan louter beschrijvende etiketten. Achter heel wat botanische namen schuilt een oud verhaal, waarin waarneming, volkskennis en mythologie met elkaar verweven zijn. In de klassieke traditie werden planten geregeld verbonden met goden en helden, waarbij hun vermeende geneeskracht een plaats kreeg …
Wat een heerlijke zomer beleven we toch! Er is haast niets dat meer vrijheid uitstraalt dan in de vroegte op de fiets te stappen, wanneer de eerste zonnestralen het landschap zacht doen ontwaken, de hitte van de dag nog ver weg lijkt, en langs de bermen een kleurrijke stoet van wilde bloemen zich ontvouwt.
Ik hou van de stad, van haar oude muren en verborgen hoekjes waar planten een onverwachte thuis vinden. Maar af en toe lonkt het open landschap. Dan voert de fiets me langs kronkelende jaagpaden, kabbelende waterlopen en uitgestrekte velden, waar achter elke bocht een nieuwe botanische ontdekking wacht. Ik trap zonder haast, stap geregeld af om een bloem van dichterbij te bekijken of een onbekende plant te fotograferen, en hoor niets dan het geritsel van boombladeren en het zachte gezoem van insecten in de warme lucht.
Op zulke momenten klinkt haast vanzelf het iconische refrein van Queen in mijn hoofd: “I want to ride my bicycle, I want to ride my bike…” Het nummer Bicycle Race, geschreven door Freddie Mercury en uitgebracht in 1978, ontstond naar verluidt toen hij tijdens de opnames van het album Jazz in Montreux de renners van de Tour de France zag voorbijkomen. Die eenvoudige woorden vatten perfect het gevoel samen dat elke natuurliefhebber op de fiets herkent: de vreugde van onderweg zijn, de wind in het gezicht, de geur van bloeiende kruiden en het voorrecht om de natuur op haar eigen, rustige tempo te beleven.
De Chinezen noemen deze periode Dàshǔ (大暑), de Grote Hitte. Wie nu met open ogen fietst, voelt waarom: de zomer heeft haar hoogtepunt bereikt en viert dat uitbundig. Bermen en dijken veranderen in lange, kleurrijke linten vol leven, waar wilde planten hun volle bloeipracht tonen.
Onderweg begroeten de goudgele schermen van boerenwormkruid me als kleine zonnetjes langs de weg. Daartussen schittert het fijne wit van duizendblad, terwijl de zilvergroene bladeren van bijvoet hun kruidige geur vrijgeven. Op vochtige plekken wuiven de sierlijke, roze bloemtrossen van harig wilgenroosje als kleine vlaggetjes in de wind. Waar de bodem voedselrijk is, torenen de purperroze bloeiwijzen van koninginnekruid en grote kattenstaart trots boven de andere planten uit, gretig bezocht door vlinders en bijen. Het felgele Jacobskruiskruid en de heelblaadjes zorgen voor een uitbundig kleuraccent, terwijl langs beken en sloten de frisse geur van aarmunt — of was het toch het zeldzamere hertsmunt? — je uitnodigt even af te stappen en diep adem te halen.
En toch… midden in al die uitbundigheid is de omslag al zichtbaar, zacht maar onmiskenbaar. Aan de vlier hangen geen bloemen meer, maar rijpen de eerste donkere bessen. De grijze pluizen van de speerdistel en het haast uitgebloeide knoopkruid verklappen dat er stilaan iets anders in de lucht hangt.15 augustus nadert! De tijd van de kruidwis.
Die dag, het feest van Maria-Tenhemelopneming, werd een bundel geneeskrachtige en geurige kruiden – de kruidwis – naar de kerk gebracht om te worden gezegend — een traditie die bijvoorbeeld in Damme nog elk jaar liefdevol in leven wordt gehouden.
Maar lang vóór de christelijke kruidenwijding bestonden er in Europa al oudere tradities waarin de kruidwis een bijzondere betekenis had. De kruidverzameling vond vaak plaats rond de zomerzonnewende of in de periode daarna. Men geloofde dat de planten dan de grootste kracht van de zon in zich hadden opgenomen. Vooral aromatische planten als bijvoet, munt, duizendblad, koninginnekruid en boerenwormkruid golden als bijzonder krachtig. De kruidwis hing men in huis of stal om onheil af te weren, of verbrandde men tijdens onweer voor bescherming.
We maakten dus van onze fietstocht gebruik om ook dit jaar onze eigen kruidwis samen te stellen en thuis op te hangen.
Klik op de afbeelding om een groter formaat te bekijken
Mijn fotoalbum
Ik laat u graag meegenieten van enkele mooie planten die ik vandaag onderweg heb gezien. Al kunnen foto’s de werkelijkheid en de beleving ervan natuurlijk nooit helemaal vatten. Klik op de foto’s om een grote exemplaar te bekijken.
Ik was al onder de indruk van Madeline Millers boek “Circe“, maar haar roman “Een lied voor Achilles” heeft me van mijn sokken geblazen. Inderdaad … heel moeilijk weg te leggen. Internationaal wordt “The Song of Achilles” beschouwd als een van de meest geliefde, moderne …
De zomervakantie houdt zich prima aan de kleine lettertjes van haar eigen naam: het is warm, het is zonnig, het schreeuwt “naar buiten!” Perfect weer dus om de stadsrand eens te verkennen, per fiets of te voet. Nu heb je in de wandelgangen — letterlijk — …
Ik kreeg vandaag het herfstnummer van het magazine “Kruidentaal” toegestuurd. Op pagina 26 tot 29 is mijn artikel over de “Gebedskaarten voor planten” te vinden.
De Groene draad die dit nummer verbindt is balans en evenwicht. Precies dat wat de herfst ons zo duidelijk laat voelen: dag en nacht die elkaar in evenwicht houden, licht en donker die langzaam verschuiven en de natuur die zich klaarmaakt om naar binnen te keren.
Het herfstnummer van Kruidentaal
Leven met kruiden – dat is waar Kruidentaal Magazine om draait. Ontdek de wereld van kruiden in al hun glorie: van gezondheid en huidverzorging tot koken, magie, kunst en tuinieren.
Kruidentaal, het magazine voor iedereen die met kruiden leeft. Kruiden zijn veel meer dan smaakmakers in de keuken. Ze zijn onze natuurlijke bondgenoten – ze voeden, verzorgen, beschermen en verbinden ons met de diepe wijsheid van de natuur.
In Kruidentaal Magazine lees je over: – kruidengeneeskunde en natuurlijk welzijn – koken met kruiden – spiritualiteit en rituelen – natuurbehoud en tuininspiratie – kruiden in kunst, geschiedenis en verhalen
Elk nummer staat vol inspiratie: recepten, boekentips, interviews, verhalen van kruidenvrouwen en herboristen… alles om het kruidige leven te vieren.
Brugge mag dan wereldberoemd zijn om zijn chocolatiers, maar geloof me: de bakkers doen er niet voor onder. De beste van allemaal bevindt zich op welgeteld 420 stappen van mijn voordeur – een zalige afstand, met drie voordelen die ik u niet wil onthouden: 1) De …
Heilzame kruiden groeien vaak dichter bij ons dan we denken, en duizendblad (Achillea millefolium) is daar een perfect voorbeeld van. Deze alledaagse plant heeft door de eeuwen heen een veelzijdig gebruik gekend, en wordt wel aangeduid als een kruid voor ‘duizend-en-één dingen’. De naam Achillea millefolium heeft een fascinerende …
Herinner je je nog onze vorige tocht langs de rand van het plaveisel? Toen we tussen stoeptegel en rioolrooster onverwacht cypergras ontdekten dat haast opzettelijk deel leek uit te maken van het straatbeeld? Groot hoefblad dat zich breed maakte alsof het hier thuishoorde, kleine ooievaarsbek die tussen het beton een plek vond, en klit die zich vasthield alsof hij er met geen stok weg te krijgen was.
Vandaag trekken we opnieuw ten strijde, op speurtocht naar het groen dat zich listig heeft onttrokken aan de bezem van de plichtsbewuste stoepveger en de chemische furie van de Roundup-ridder. Die ridder, gewapend met spuit en wanhoop, liet op mysterieuze wijze een halve vierkante meter ongemoeid — naar verluidt omdat hij plots belaagd werd door een horde toeristen die hem aanzagen voor een folkloristische attractie uit een verloren gewaande tijd.
En zo ontstond een ‘battlezone‘ voor akkerkers, duizendblad, gehoornde klaverzuring, harig knopkruid, klein glaskruid, knolboterbloem, liggende vetmuur, rode schijnspurrie, schijfkamille, smalle weegbree, stinkende gouwe en ordinair straatgras. De derde ronde!
Schijfkamille (Matricaria discoidea)
Schijfkamille (Matricaria discoidea)
Geen opvallende bloemblaadjes, enkel groene, kegelvormige kopjes met een frisse geur van ananas als je ze kneust: de schijfkamille. Ze duikt op tussen kieren van straatgoot en stoep, taai en bescheiden. Waar anderen verwelken, floreert zij. Oorspronkelijk uit Noord-Amerika, maar nu thuis in onze steden. In de volksgeneeskunde staat ze bekend om haar kalmerende werking: thee van schijfkamille werd gebruikt tegen buikpijn en rusteloosheid. Een anonieme plant in de goot, maar met een stille kracht en een geur die herinnert aan verre weiden en oude kennis.
Gehoornde klaverzuring (Oxalis corniculata)
Gehoornde klaverzuring (Oxalis corniculata)
Tussen straatstenen en muren kruipt de gehoornde klaverzuring, laag bij de grond, met haar roodgroene blaadjes en kleine gele bloempjes. Ze opent zich stil, onopvallend, maar vastberaden. Haar bladeren lijken op klavertjes en vouwen zich dicht bij avond of bij regen. Een plant van de schaduw, van vergeten hoeken. Toch draagt ze een geheim: haar zure smaak, door het oxaalzuur, werd vroeger gebruikt om dorst te lessen of gerechten fris te maken. In kleine hoeveelheden eetbaar, in te grote hoeveelheden giftig. Een kruipende rebel met charme en nuance, die zich zelfs in het kleinste kiertje weet te vestigen.
Liggende vetmuur (Sagina procumbens)
Liggende vetmuur (Sagina procumbens)
In de fijnste kieren van het plaveisel groeit liggende vetmuur. Met haar tere, groene blaadjes en minuscule witte bloempjes vormt ze een tapijtje tussen de stenen. Ze bloeit onopvallend, maar hardnekkig, zelfs waar nauwelijks aarde is. Een pionier van het straatleven, bestand tegen betreding en droogte. Haar naam verraadt het al: vetmuur werd vroeger gezien als voedsel voor kippen en soms als armeluisgroente. Hoewel ze klein is, speelt ze haar rol in het ecosysteem als bodembedekker en schuilplaats voor microleven. Een plantje dat nederigheid toont, maar nooit onbelangrijk is.
Stinkende gouwe (Chelidonium majus)
Stinkende gouwe (Chelidonium majus)
Aan de rand van de goot, waar straatgoot en de stoep elkaar raken, groeit een jonge stinkende gouwe. Haar gelobde bladeren zijn frisgroen. De bloempjes zijn nog niet te zien, maar ze worden felgeel. Wie haar stengel kneust, ziet meteen de feloranje melkachtige vloeistof – bitter van geur en naamgever van haar ‘stinkende’ aard. Vroeger gold die vloeistof als wondermiddel: gebruikt tegen wratten, huidproblemen en als reinigend kruid bij leverklachten. Een plant met een lange apothekersgeschiedenis, verstopt in een rommelig hoekje van de stad.
Klein glaskruid (Parietaria judaica)
Klein glaskruid (Parietaria judaica)
Tegen warme muren en in beschutte straatgoten groeit klein glaskruid, met zijn zachte stengels en onopvallende groen. Je merkt het nauwelijks op, tot je het voelt: de plant kleeft licht aan kleding of huid, met fijne haartjes en een broze structuur. Ze groeit daar waar niets anders lijkt te kunnen, in schaduw en droogte, trouw aan steen en scheur. Vroeger werd ze gebruikt om glas mee schoon te wrijven – vandaar haar naam. In de volksgeneeskunde gold ze als zuiverend kruid, vooral bij nier- en blaasproblemen. Een nederige muurplant, met wortels in vergeten huishoudelijke en helende tradities.
Straatgras (Poa annua)
Straatgras (Poa annua)
Straatgras, gewoon en alomtegenwoordig, duikt op tussen tegels, langs boordstenen en in elke verwaarloosde voeg. Met zijn frisse groene sprietjes en luchtige aren lijkt het haast onschuldig, maar het is een meester in overleven. Korte levenscyclus, snelle zaadvorming. Straatgras is het symbool van het onopvallende succes: een plant die geen lof krijgt, maar altijd aanwezig is. Hoewel weinig gebruikt in de geneeskunde, speelt het een rol in grasmatten en als voedsel voor sommige dieren.
Een opvallende wetenswaardigheid over straatgras is dat het één van de weinige grassoorten is die het hele jaar door kan bloeien, zelfs in de winter als de omstandigheden mild genoeg zijn. Het plantje past zich razendsnel aan veranderende omstandigheden aan, en kan binnen enkele weken al zaad produceren. Deze uitzonderlijke snelheid en flexibiliteit maken het tot een wereldwijde pionier in stedelijke en verstoorde omgevingen. Wat vaak als “onkruid” wordt bestempeld, is in feite een kleine kampioen in evolutie en aanpassing.
Knolboterbloem (Ranunculus bulbosus)
Knolboterbloem (Ranunculus bulbosus)
De typische teruggeslagen kelkblaadjes en de gegroefde stengel
Een boterbloem op de stoeprand? En wat voor één! De knolboterbloem is een algemeen voorkomende plant die je vaker aantreft op voedselarme graslanden en in bermen. Hij bloeit in het voorjaar met felgele, glanzende bloemen. Typisch zijn de teruggeslagen kelkblaadjes, die onder de kroonbladen uitsteken, en de geribbelde stengel onder de gele bloemen. Een ander opvallend kenmerk is de knolvormige verdikking aan de voet van de stengel, waaraan de soort haar naam dankt. Die kunnen we uiteraard niet zien op de foto. De plant is giftig voor vee en mensen, vooral in verse toestand. Hier krijgt ze het gezelschap van weegbree, herderstasje, paardenbloem en straatgras.
Duizendblad (Achillea millefolium)
Duizendblad(Achillea millefolium)
Duizendblad is een vaste plant die je normaal tegenkomt in graslanden, bermen en ruigten. In de straatgoot is hij een niet alledaagse verschijning. Deze soort valt op door zijn fijn verdeelde, geveerde bladeren—zo sterk ingesneden dat het lijkt alsof elk blad uit duizend stukjes bestaat. De bloemhoofdjes vormen dichte, schermvormige trossen met witte tot roze bloempjes. Al sinds de oudheid staat duizendblad bekend om zijn geneeskrachtige eigenschappen; volgens de overlevering gebruikte Achilles het om wonden te helen. Een taaie, geurige plant met een lange staat van dienst—en een naam die je niet snel vergeet.
Rode schijnspurrie (Spergularia rubra)
Rode schijnspurrie (Spergularia rubra)
De rode schijnspurrie is een pionier die zich goed kan aanpassen aan verstoorde, droge en voedselarme omstandigheden. Hoewel haar voorkeursbiotoop meestal zandige graslanden, akkers of spoorwegbermen zijn, kan ze ook voorkomen op onverwachte plekken zoals straatgoten, stoepvoegen of parkeerterreinen—vooral als die plekken zonnig, droog en weinig begroeid zijn. Het is niet haar favoriete adres, maar ze is flexibel genoeg om er tijdelijk in te trekken.
Ze valt op door haar kleine, roze tot paarsachtige bloemetjes en smalle, tegenoverstaande blaadjes met klierhaartjes. Ondanks haar fragiele uiterlijk is het een doorzetter die goed tegen droogte kan. Een plant die zich stilletjes handhaaft op plekken waar anderen het laten afweten.
De prachtige kleine bloempjes van de rode schijnspurrie (Spergularia rubra)
Akkerkers (Rorippa sylvestris)
Akkerkers (Rorippa sylvestris)
In de straatgoot, waar modder, grind en regen samenkomen, bloeit de akkerkers met haar luchtige, gele bloempjes. Ze lijkt op een mosterdplant, maar is taaier en woekert graag. Haar wortelstokken kruipen ondergronds, onzichtbaar maar vasthoudend. Ooit een plant van natte akkers, nu thuis in de stadsspleten. Ze hoort bij de kruisbloemenfamilie en trekt met haar nectar kleine insecten aan. Niet spectaculair, wel vasthoudend – een plant die je leert dat ook het gewone zijn plaats opeist, zelfs in het vergeten hoekje tussen goot en borduursteen.
Harig knopkruid (Galinsoga quadriradiata)
Harig knopkruid (Galinsoga quadriradiata)
In de warme luwte van de straatgoot verschijnt harig knopkruid, een bescheiden plant met kleine witte bloempjes en een geel hartje. Haar zachte stengels en bladeren zijn bedekt met fijne haartjes, waardoor ze stoffig oogt, haast ongewassen. Oorspronkelijk uit Zuid-Amerika, maar nu een vaste gast in Europese steden. Ze groeit snel, zaait zich overvloedig uit, en is moeilijk weg te denken als ze eenmaal verschijnt. In sommige keukens geldt ze zelfs als eetbaar kruid, vol vitamines. Wat eruitziet als een rommelig onkruid, blijkt bij nader inzien een robuuste immigrant met smaak en vasthoudende levenskracht.
Smalle weegbree (Plantago lanceolata)
Smalle weegbree (Plantago lanceolata)
Tegen de stoeprand, op het grensvlak van steen en asfalt, groeit de smalle weegbree, herkenbaar aan haar langwerpige bladeren in een grondrozet en haar opgerichte bloeistengels met compacte aren. Ze gedijt op betreden, verdichte bodem en is daardoor een typische stadsplant. De parallelle nerven van het blad verraden haar taaiheid. In de fytotherapie staat ze bekend om haar ontstekingsremmende en verzachtende werking bij huidirritaties, insectenbeten en luchtweginfecties. Het verse blad werd traditioneel gekauwd of fijngestampt voor gebruik.
De Nigon Wyrta Galdor — de “Nine Plants Spell” of – in de volksmond – de “Nine Herbs Charm” is een Oudengels genezingsgebed, een krachtige spreuk om wonden te helen. Dit ritueel is vastgelegd in het eeuwenoude manuscript Harley MS 585 (pagina’s 160r–163r), beter bekend als de “Lacnunga”, …
Uiteraard koos mijn verkoudheid het weekend uit om toe te slaan – perfecte timing, zoals altijd. Geen neuspray te vinden, geen zakdoekje in de buurt, alleen ik en een steeds drukkender hoofd. Dus werd het improviseren met wc-papier en warme thee, tot de maandagochtend de …