“Laat je meevoeren in het gebruik, de geschiedenis en de magie van de flora tijdens een wandeling van circa 3,5 kilometer. Proef van het lekkers dat wilde planten ons al eeuwen geven.” Dit lazen we op de uitnodiging van Katrien Cattoor – hart en ziel …
Begin juni schreven we nog met een wrang gevoel over de oevers van het Minnewater. Nauwelijks was de periode van ‘Maai Mei Niet’ voorbij of de maaimachine had bijna alle begroeiing weggeveegd. Wat kort voordien nog een levend lint van bloemen en kruiden was, lag er plots …
Wat een heerlijke zomer beleven we toch! Er is haast niets dat meer vrijheid uitstraalt dan in de vroegte op de fiets te stappen, wanneer de eerste zonnestralen het landschap zacht doen ontwaken, de hitte van de dag nog ver weg lijkt, en langs de bermen een kleurrijke stoet van wilde bloemen zich ontvouwt.
Ik hou van de stad, van haar oude muren en verborgen hoekjes waar planten een onverwachte thuis vinden. Maar af en toe lonkt het open landschap. Dan voert de fiets me langs kronkelende jaagpaden, kabbelende waterlopen en uitgestrekte velden, waar achter elke bocht een nieuwe botanische ontdekking wacht. Ik trap zonder haast, stap geregeld af om een bloem van dichterbij te bekijken of een onbekende plant te fotograferen, en hoor niets dan het geritsel van boombladeren en het zachte gezoem van insecten in de warme lucht.
Op zulke momenten klinkt haast vanzelf het iconische refrein van Queen in mijn hoofd: “I want to ride my bicycle, I want to ride my bike…” Het nummer Bicycle Race, geschreven door Freddie Mercury en uitgebracht in 1978, ontstond naar verluidt toen hij tijdens de opnames van het album Jazz in Montreux de renners van de Tour de France zag voorbijkomen. Die eenvoudige woorden vatten perfect het gevoel samen dat elke natuurliefhebber op de fiets herkent: de vreugde van onderweg zijn, de wind in het gezicht, de geur van bloeiende kruiden en het voorrecht om de natuur op haar eigen, rustige tempo te beleven.
De Chinezen noemen deze periode Dàshǔ (大暑), de Grote Hitte. Wie nu met open ogen fietst, voelt waarom: de zomer heeft haar hoogtepunt bereikt en viert dat uitbundig. Bermen en dijken veranderen in lange, kleurrijke linten vol leven, waar wilde planten hun volle bloeipracht tonen.
Onderweg begroeten de goudgele schermen van boerenwormkruid me als kleine zonnetjes langs de weg. Daartussen schittert het fijne wit van duizendblad, terwijl de zilvergroene bladeren van bijvoet hun kruidige geur vrijgeven. Op vochtige plekken wuiven de sierlijke, roze bloemtrossen van harig wilgenroosje als kleine vlaggetjes in de wind. Waar de bodem voedselrijk is, torenen de purperroze bloeiwijzen van koninginnekruid en grote kattenstaart trots boven de andere planten uit, gretig bezocht door vlinders en bijen. Het felgele Jacobskruiskruid en de heelblaadjes zorgen voor een uitbundig kleuraccent, terwijl langs beken en sloten de frisse geur van aarmunt — of was het toch het zeldzamere hertsmunt? — je uitnodigt even af te stappen en diep adem te halen.
En toch… midden in al die uitbundigheid is de omslag al zichtbaar, zacht maar onmiskenbaar. Aan de vlier hangen geen bloemen meer, maar rijpen de eerste donkere bessen. De grijze pluizen van de speerdistel en het haast uitgebloeide knoopkruid verklappen dat er stilaan iets anders in de lucht hangt.15 augustus nadert! De tijd van de kruidwis.
Die dag, het feest van Maria-Tenhemelopneming, werd een bundel geneeskrachtige en geurige kruiden – de kruidwis – naar de kerk gebracht om te worden gezegend — een traditie die bijvoorbeeld in Damme nog elk jaar liefdevol in leven wordt gehouden.
Maar lang vóór de christelijke kruidenwijding bestonden er in Europa al oudere tradities waarin de kruidwis een bijzondere betekenis had. De kruidverzameling vond vaak plaats rond de zomerzonnewende of in de periode daarna. Men geloofde dat de planten dan de grootste kracht van de zon in zich hadden opgenomen. Vooral aromatische planten als bijvoet, munt, duizendblad, koninginnekruid en boerenwormkruid golden als bijzonder krachtig. De kruidwis hing men in huis of stal om onheil af te weren, of verbrandde men tijdens onweer voor bescherming.
We maakten dus van onze fietstocht gebruik om ook dit jaar onze eigen kruidwis samen te stellen en thuis op te hangen.
Klik op de afbeelding om een groter formaat te bekijken
Mijn fotoalbum
Ik laat u graag meegenieten van enkele mooie planten die ik vandaag onderweg heb gezien. Al kunnen foto’s de werkelijkheid en de beleving ervan natuurlijk nooit helemaal vatten. Klik op de foto’s om een grote exemplaar te bekijken.
Onlangs nam ik een groep enthousiaste Bruggelingen mee naar de oevers van het Minnewater. Ik wou er de legende van de wolfspoot aan het Minnewater vertellen – ik zal dat hier morgen ook eens doen.En eerlijk mensen… ik was beschaamd. Al dat onkruid!!! Ik zag: …
In augustus trokken we eropuit, langs de rand van het water – op zoek naar een wereld die leeft op de grens van land en nat. Wat we vonden, was een stille, betoverende gemeenschap van oever- en waterplanten, elk aangepast aan een leven in voortdurende …
21 juli vandaag! Tijd om even de “Pauze“-knop in te drukken. We zijn al maandenlang dagelijks bezig met het schrijven van artikels voor deze website. Ondertussen zijn dat er al meer dan 220. Vanaf morgen gaan we voor enkele weken met vakantie. Medio september starten we dan weer met de publicatie van nieuwe – en hopelijk interessante – artikels. We wensen al onze volgers, lezers, sympathisanten ook een deugddoende vakantie toe en we hopen jullie allemaal na de zomervakantie terug te zien.
Een laatste keer op safari
Vandaag gaan we voor de tiende en laatste keer dit jaar op safari in de stad. We delen met jullie onze vondsten en voorzien ze van een korte commentaar. Een aantal van deze planten zullen later nog uitvoeriger aan bod komen.
Rood guichelheil
Rood guichelheil (Anagallis arvensis)
Rood guichelheil (Anagallis arvensis subsp.arvensis) is een plant uit de sleutelbloemfamilie(Primulaceae). Het is één van de weinige planten uit Noord-Europa die scharlakenrode bloemen heeft.
Harig wilgenroosje
harig wilgenroosje (Epilobium hirsutum)
Het is haast ongelooflijk hoe eigenzinnig en koppig sommige planten zich kunnen aanpassen aan de omgeving. Het Harig wilgenroosje komt van nature voor op vochtige plaatsen. Hier groeit het onverstoord in de volle zon op een dak. Niet te geloven.
Letterlijk overal langs de wegen zie je momenteel het Jacobskruiskruid bloeien. Het is een echte pioniersplant en hij verspreidt zich snel, doordat een volwassen plant 75.000 tot 200.000 vruchten kan produceren. Jakobskruiskruid is giftig voor de meeste zoogdieren, waaronder ook de mens, doordat het zestien verschillende alkaloïden bevat. Het jakobskruiskruid vormt het hoofdvoedsel voor de zebrarups, de larve van de sint-jacobsvlinder (Tyria jacobaea). De rupsen van deze vlinder zijn aangepast aan het eten van jakobskruiskruid en zijn dus niet gevoelig voor vergiftiging.
Beklierde basterdwederik (Epilobium ciliatum)
Beklierde basterdwederik (Epilobium ciliatum)
Er bestaan een aantal soorten basterdwederik die niet altijd gemakkelijk van mekaar te onderscheiden zijn. Met een plantenloep zijn bij de beklierde basterdwederik duidelijk de klierhaartjes te zien.
De klierhaartjes zijn met een plantenloep nog beter te zien.
Viltige basterdwederik
Viltige basterdwederik (Epilobium parviflorum)
Een andere soort is de viltige basterdwederik. De bladeren en stengels voelen echt viltachtig aan vanwege de ontelbare kleine haartjes. (Zie foto hieronder) Hij komt in geheel Europa voor. In Nederland en België is het een algemene soort.
Viltige basterdwederik (Epilobium parviflorum)
Wijfjesvaren
Wijfjesvaren (Athyrium filix-femina) hier samen met de tongvaren (Asplenium scolopendrium)
De typische komma- of haakvormige sporenhoopjes van wijfjesvaren
Brede wespenorchis
Brede wespenorchis (Epipactis helleborine)
De Brede wespenorchis groeit met name in bossen, duinen en kreupelhout op zandgronden, maar hier stond hij doodleuk aan de rand van een greppel. In Nederland is de plant vanaf 2017 niet meer wettelijk beschermd.
Brede wespenorchis (Epipactis helleborine)
Vlasbekje
Vlasbekje (Linaria vulgaris)
Het Vlasbekje (Linaria vulgaris), ook “vlasleeuwenbek” genaamd, is een algemeen voorkomende, overblijvend kruid uit de weegbreefamilie (Plantaginaceae). De plant komt algemeen voor op zandgrond, onder meer op ruderale plaatsen (ruigten, puinhopen), duinen en in wegbermen. Hier aan de kant van het voetpad, midden in de stad.
Wolfspoot
Wolfspoot (Lycopus europaeus)
De wolfspoot (Lycopus europaeus) is een overblijvende, waterminnende plant uit de lipbloemenfamilie. In de stad vinden we de plant voornamelijk langs vijvers, kanalen of vestingoevers.